Schadefonds Geweldsmisdrijven

Privacy & Cookies

Schadefonds Geweldsmisdrijven plaatst cookies op uw computer voor het bijhouden van bezoekersgedrag binnen Google Analytics.

Deze informatie helpt ons bij het verbeteren van onze website.
Wilt u meer informatie over hoe deze website om gaat met uw privacy en welke cookies worden opgeslagen, lees dan Privacy en Cookies.

Geen cookies toestaan
 

17 november 2011

Wijziging Wet schadefonds geweldsmisdrijven

  • de groep nabestaanden die een beroep kunnen doen op het Schadefonds wordt verruimd met bloedverwanten van de overledene in de eerste graad en in de tweede graad in de zijlijn (broer en zus).
  • nabestaanden van slachtoffers van ernstige geweldsmisdrijven worden gelijk gesteld aan slachtoffers. Zij kunnen nu ook in aanmerking komen voor vergoeding van immateriële schade ofwel smartengeld of kosten van therapie.
  • De maximumbedragen voor de vergoeding voor materiële en immateriële schade kunnen bij ministeriele regeling worden vastgesteld. Hierdoor kunnen de bedragen makkelijker worden gewijzigd.
  • Sinds 2004 werkt het Schadefonds conform de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Nu is dit ook in de wet geregeld. De bestuursrechter van de Rechtbank wordt de beroepsrechter en er komt een mogelijkheid voor appel bij de Raad van State. Tot op heden was het hoger beroep enkel belegd bij het Gerechtshof in Den Haag.

Overgangsbeleid
Vooruitlopend op het inwerkingtreden van de nieuwe wet heeft de Commissie Schadefonds Geweldsmisdrijven beleidsregels opgesteld. Op basis van deze tijdelijke beleidsregels kunnen nabestaanden nu al een aanvraag indienen om in aanmerking te komen voor onder andere een tegemoetkoming in hun immateriële schade, zoals dit ook in de nieuwe wet is opgenomen.
 
Zodra er meer informatie is over de invulling van het beleid vindt u dat op onze website. 

 

Schadefonds in het kort