“De vraag ‘Waarom ga je niet bij hem weg?’ zullen wij nooit stellen”
Tanya Hoogwerf, Filomena
Foto: Frank de Roo
Huiselijk geweld en intieme terreur blijven vaak jarenlang verborgen. Achter de voordeur, in alle lagen van de samenleving. Een stille epidemie, waarvan Tanya Hoogwerf de gevolgen iedere dag ziet. Als manager van Filomena pleit ze voor een integrale aanpak, waarin slachtoffers direct de juiste hulp krijgen. Kan dat? Ja, Filomena doet het al jaren zo.
Bij Filomena kan iedereen terecht die te maken heeft met een ernstige of complexe vorm van huiselijk geweld en/of kindermishandeling.
“Je bent altijd welkom in een van onze huizen tijdens de inloopmomenten. Er is geen doorverwijzing nodig, je kunt zo binnenlopen.”
Niet meer van het kastje naar de muur
Filomena staat bekend om de domeinoverstijgende wrap around-aanpak. In elk huis werken medewerkers van onder meer het CSG, medisch en forensisch specialisten, Veilig Thuis en de politie samen. “Allemaal mensen die om jou heen gaan staan, in plaats van dat je van het kastje naar de muur wordt gestuurd.”
Daarnaast werkt Filomena samen met traumaspecialisten, advocaten, de reclassering en het OM. In totaal zijn er achttien ketenpartners. “Alle partijen die nodig zijn om de stap te zetten naar veiligheid. En dat gebeurt niet alleen op het moment dat je bij ons bent. We blijven je vasthouden totdat je situatie duurzaam veilig is geworden.” *
Eindelijk erkend als geweld
Lange tijd werd huiselijk geweld niet serieus genomen als geweldsmisdrijf. “Misschien omdat het verborgen is, of omdat mensen zich er niet mee willen bemoeien”, vermoedt Tanya. “Het gaat om een jarenlang patroon van (ex-)partnergeweld of kindermishandeling waarin mensen gevangen zitten. Dat maakt het heel ingewikkeld om te doorbreken.”
Een zeer ernstige vorm van partnergeweld is intieme terreur. “Er is dan altijd sprake van een machtsverschil: één partner oefent dwang en controle uit op zijn partner. Bij een man-vrouwrelatie is dit bijna altijd de man.”
Sinds vorig jaar is er een kentering: huiselijk geweld en vrouwengeweld worden eindelijk erkend als ‘echt’ geweld, ook in de wetgeving. “Dat werd tijd, het heeft te lang geduurd. Het probleem is namelijk veel groter dan de meeste mensen vermoeden.”
De nood is hoog
Huiselijk geweld en intieme terreur gebeuren niet alleen in kwetsbare gezinnen en wijken, wat het grote publiek nog vaak denkt. “Regelmatig zien we hier ook artsen, advocaten, vrouwen met prima banen waarvan de kinderen weldoorvoed naar school gaan. Maar achter de voordeur is er al jarenlang fors geweld gaande, dat echter onzichtbaar blijft.”
Een andere, relatief nieuwe groep betreft jonge meisjes. “Ze kunnen nog maar veertien jaar zijn en toch al te maken hebben met extreem seksueel geweld door plegers van achttien jaar.”
De vraag naar hun intensieve begeleiding is groot. Inmiddels zijn er vier Filomena’s met een regionale functie, er lopen gesprekken met bijna twintig andere gemeenten. “Binnen een aantal jaar willen we landelijk dekkend zijn, de nood is hoog.”
‘Waarom ga je niet bij hem weg?’
Het succes van Filomena zit niet alleen in de samenwerking tussen organisaties, maar ook doordat slachtoffers zelf de regie houden: er gebeurt niets wat zij niet zelf willen.
“Wij oordelen nooit. ‘Waarom ga je niet bij hem weg?’ is een vraag die wij nooit zullen stellen. Dan ga je voorbij aan wat er daadwerkelijk aan de hand is.”
Bij het doorbreken van het geweldspatroon is het van belang om de pleger erbij te betrekken. Maar bij intieme terreur gebeurt dit nooit: “Dat heeft geen enkele zin. Dan werken we samen met de politie, het OM en de reclassering om ervoor te zorgen dat de pleger uit beeld gaat en ook blijft.”
Eindelijk vrij
Een tegemoetkoming van het Schadefonds kan veel betekenen, weet Tanya. “Als je letterlijk geen theelepeltje meer hebt, dan is die tegemoetkoming echt heel welkom. Anderen gebruiken het geld om een opleiding te volgen, met het gevoel van: eindelijk ben ik vrij en kan mijn eigen leven leiden. Hoe mooi is dat?”
Ook van de medewerkers van Filomena hoor ik veel positieve geluiden, ze ervaren het Schadefonds als laagdrempelig en ze zien hoe positief het geld kan werken.” In dat opzicht vindt ze het Schadefonds nog wat te bescheiden. “Meer zichtbaarheid over jullie werk mag best.”
Vooral een kwestie van durven
Het grootste probleem van de hulpverlening? Dat is nog altijd de verkokering. Tanya verwijst naar onderzoek van de Universiteit Leiden, waaruit blijkt dat slachtoffers tijdens hun zoektocht naar hulp soms met tientallen organisaties te maken krijgen. “Ze zagen zeven tot 77 organisaties per reis, waarbij zeven de positieve uitzondering was.”
Bovendien sluit de hulp niet goed op elkaar aan. “Een kind kan beginnen met traumatherapie, maar als de vader nog een half jaar moet wachten op de start van zijn therapie voor agressieregulatie, waar zijn we dan mee bezig? Maar dit soort situaties spelen voortdurend.”
Tanya ziet wel een positieve ontwikkeling. “Steeds meer organisaties in de hulpverlening zien bij ons dat een integrale aanpak mogelijk en haalbaar is. Het is vooral een kwestie van durven. Als we dat met partners zoals het Schadefonds kunnen doen, denk ik dat we langzaam de weg op gaan van écht cliëntgericht werken.”
*Zo ziet een Filomena-traject eruit: https://filomena.nl/ik-heb-hulp-nodig/
Lees meer verhalen
“Hoe eerder het herstel kan beginnen, hoe beter”
Rosa Jansen | Voorzitter Raad van Bestuur Slachtofferhulp Nederland
Hoe help je slachtoffers verder na een ingrijpende gebeurtenis? Rosa Jansen, voorzitter van de Raad van Bestuur van Stichting Slachtofferhulp Nederland, vertelt hoe haar organisatie dagelijks klaarstaat voor slachtoffers.
“Een aanvraag indienen kan ik iedereen aanraden”
Eline | Slachtoffer geweldsmisdrijf
Eline was 20 jaar toen ze slachtoffer werd van de tramaanslag in Utrecht in 2019. De lichamelijke en geestelijke gevolgen waren groot: ze was jaren bezig om te herstellen. Maar het bracht haar onverwachts ook iets positiefs.
“Laat slachtoffers het Schadefonds niet missen”
Monique de Groot | Directeur-secretaris Schadefonds Geweldsmisdrijven
Wat doet het Schadefonds Geweldsmisdrijven voor slachtoffers van geweldsmisdrijven of seksuele misdrijven? Directeur Monique de Groot legt het graag uit.
