“Onderzoeken krijgen pas werkelijk betekenis als er daarna iets fundamenteels verandert”
Nicole Immler, hoogleraar Historical Memory and Transformative Justice aan de Universiteit voor Humanistiek
Nicole Immler is hoogleraar Historical Memory and Transformative Justice aan de Universiteit voor Humanistiek. Ze doet al twintig jaar onderzoek naar overheidsmaatregelen voor erkenning en herstel voor tal van grote misstanden: de Holocaust, slavernij, kolonialisme, aardbevingsschade in Groningen, misbruik in de kerk en de toeslagenaffaire.
In opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid evalueerde ze met een team de maatregelen rondom erkenning van slachtoffers van geweld in de jeugdzorg. “Maar al snel bleek dat de getroffenen zelf over iets anders wilden praten dan de financiële tegemoetkoming, het monument of andere erkenningsmaatregelen.”
Erkenning vraagt om verandering
Ze wilden het vooral hebben over de vraag: wat is er nu structureel anders geworden in de jeugdzorg? “Erkenning is geen afgeronde handeling: excuses aanbieden, geld geven en vervolgens doorgaan zoals voorheen. Wat is dat voor een erkenning? Mensen willen verandering in het systeem zien.”
“Erkenning is geen afgeronde handeling: excuses aanbieden, geld geven en vervolgens doorgaan zoals voorheen.”
Juist op deze vraag gaf het onderzoek nauwelijks een antwoord. Daarom voegden de onderzoekers op eigen initiatief een tweede deel toe aan het rapport. “Dit draaide om de vraag: wat hebben slachtoffers nodig om zich echt erkend te voelen?”
Transformatieve erkenning
Vanuit deze vraag ontwikkelde het onderzoeksteam gaandeweg een erkenningskader, met vijf lagen. Elke laag laat een andere dimensie zien van een persoon die onrecht heeft geleden. “Iemand is slachtoffer, maar ook onderdeel van een groep van slachtoffers. En bovendien een ervaringsdeskundige, met kennis die kan bijdragen aan verandering. Elke laag vraagt om een ander soort erkenning.”
Het erkenningskader is gebaseerd op het idee van transformatieve erkenning. Daadwerkelijke erkenning is volgens Nicole transformatief, ofwel systemisch van aard. Nu zijn maatregelen vooral nog gericht op het verleden, maar erkenning gaat ook over heden en toekomst. “Mensen willen niet alleen erkend worden als slachtoffer: ze willen ook gelijkwaardigheid, kansen, werk, toekomstperspectief. Opnieuw volwaardig burger kunnen zijn.”
Vijftien lessen
Herstelmaatregelen zijn nu nog vaak te klein, te exclusief en te laat, terwijl er niets substantieel verandert, stelt ze. “En dan verwacht je dat mensen dankbaar zijn en het traject goed evalueren. Zo werkt het niet.”
Daarom staan in het onderzoeksrapport vijftien inzichten en lessen die helpen bij de vormgeving of evaluatie van toekomstige erkenningstrajecten na historisch, systematisch en/of institutioneel onrecht.
Geef slachtoffers een expert-status
Deze behoefte aan systemische erkenning is ook in veel andere erkenningstrajecten herkenbaar. Ter illustratie noemt ze de positie van slachtoffers in onderzoeken. De mensen die het onrecht hebben meegemaakt, beschikken volgens haar over kennis die onderzoekers en instellingen niet zelf bezitten.
“Ze worden dan slachtoffers genoemd of ervaringsdeskundigen, maar ze zijn eigenlijk herstelexperts: ze weten precies wat ze nodig hebben. Beschouw hun ervaring dus als echte kennis.”
Een formele positie maakt wezenlijk verschil voor hun gevoel van gelijkwaardigheid. “Geef hun een expert-status, zet ze op de payroll en betrek ze van begin tot eind bij besluitvorming. Dat is echt niet zo complex om te regelen.”
“Geef slachtoffers een expert-status, zet ze op de payroll en betrek ze van begin tot eind bij besluitvorming. Dat is echt niet zo complex om te regelen.”
Taal luistert nauw
Nicole ziet nog een andere grote meerwaarde van de inzet van herstelexperts: ze weten de juiste taal te hanteren. “Bij gesprekken met slachtoffers is algemene kennis over communicatie absoluut onvoldoende. Een standaardfout bijvoorbeeld is de uitspraak: ‘Wat erg dat jullie dat zo ervaren.’
Ogenschijnlijk empathisch, maar voor slachtoffers kan die juist impliceren dat hun werkelijkheid ter discussie staat. Een herstelexpert zal deze fout nooit maken.”
Bestuurder, ga uit je comfort zone
De voordelen zijn duidelijk. Waarom zitten slachtoffers dan nog niet op grote schaal aan tafel als kennisexpert? Oude patronen, waarbij instellingen alles zelf onder controle willen houden, blijken hardnekkig. “Mensen in een zwakke, gemarginaliseerde positie worden door het systeem op die plek gehouden. Daar moet echt een systeemverandering komen.”
Nicole benadrukt dat bestuurders van instellingen zeker goede bedoelingen kunnen hebben. “Persoonlijke aandacht, luisteren en excuses aanbieden zijn absoluut waardevol. Maar voor bestuurders gaat het dieper. Zij moeten de verantwoordelijkheid nemen om hun organisatie structureel te veranderen. Persoonlijke empathie is niet genoeg, ze moeten uit die comfort zone stappen.”
Versnippering van kennis
Of het nu gaat om de toeslagenaffaire, Groningen of misstanden in de jeugdzorg: ondanks vergelijkbare onderliggende mechanismen krijgt iedere regeling of doelgroep nog steeds zijn eigen aanpak en kader.
“Bij de ministeries is kennis gesplitst, daarom zijn die patronen binnen afzonderlijke beleidsterreinen minder zichtbaar”, weet Nicole door haar onderzoekswerk. “Overal wordt het wiel opnieuw uitgevonden. Het besef ontbreekt nog dat er algemene, wetenschappelijke expertise beschikbaar is over erkenning.”
“Overal wordt het wiel opnieuw uitgevonden. Het besef ontbreekt nog dat er algemene, wetenschappelijke expertise beschikbaar is over erkenning.”
Het Schadefonds zou een rol kunnen spelen in het tegengaan van de versnippering. De kennis die het heeft opgebouwd over slachtoffers en erkenning kan het goed benutten om patronen te signaleren: “Ze zijn in staat om structurele problemen bespreekbaar te maken. En, heel belangrijk: om zo nieuw slachtofferschap te helpen voorkomen.”
Rapporten zijn niet voor de la
Als onderzoeker vindt ze het soms moeilijk om niet gefrustreerd te raken. Rapport na rapport bevat vergelijkbare aanbevelingen, maar ze worden niet of nauwelijks uitgevoerd. “Alsof onderzoek een legitimatie is voor een organisatie: kijk, we hebben onderzoek laten doen, nu kunnen we weer doorgaan waar we mee bezig waren. Dan word je in feite geïnstrumentaliseerd, of harder gezegd: misbruikt.”
Dit ethische vraagstuk weegt zwaar voor haar en haar medewerkers. Zelf is ze intussen zover dat ze geen opdrachtrapport meer wil schrijven als ze niet zeker weet dat er ook echt iets mee gebeurt.
Veel andere onderzoekers kampen met hetzelfde probleem, weet ze. Ze ziet wel een oplossing: “Een onafhankelijke instantie, die controleert of de aanbevelingen uit onderzoeken ook worden omgezet naar de praktijk. Met consequenties als dat niet zo is. Die onderzoeken krijgen pas werkelijk betekenis als er daarna iets fundamenteels verandert.”
[Sassy_Social_Share title=”Delen”]
Lees meer verhalen
“Laat slachtoffers het Schadefonds niet missen”
Monique de Groot | Directeur Schadefonds Geweldsmisdrijven
Wat doet het Schadefonds Geweldsmisdrijven voor slachtoffers van geweldsmisdrijven of seksuele misdrijven? Directeur Monique de Groot legt het graag uit.
“Het Schadefonds mag zichzelf meer in de kijker spelen”
Iva Bicanic | Founding mother van het Centrum Seksueel Geweld, directeur kennisontwikkeling bij het Landelijk Centrum Seksueel Geweld, hoogleraar seksueel misbruik van kinderen en klinisch psycholoog aan het UMC Utrecht
Iva: “Het actief aanbieden van laagdrempelige hulp werkt erg goed.”
“De tegemoetkoming is minder belangrijk, het gaat vooral om de erkenning”
Gerben Cabboort | Adviseur Landelijk Expertiseteam Seksuele Misdrijven
Bij het Landelijk Expertiseteam Seksuele Misdrijven adviseert Gerben zijn collega’s op de werkvloer, plus beleidsbepalers binnen politie en ministeries. Waar houdt hij zich mee bezig?
